Home

Kennismaking

Memoires

Bijbelstudies

Schriftoverdenkingen voor de jeugd

Div. artikelen

Links

Contact

Moorman (bijzondere preekstoel) 2
 
We zagen in het vorige artikel hoe de zwarte Moorman hangt aan de lippen van Filippus, terwijl de stroom der genade zijn dorstige ziel verkwikt. De kamerling vraagt en Filippus geeft antwoord. In de verte ziet de Moorman water glinsteren. Vol vuur en verlangen stoot hij zijn reisgenoot aan. Ziedaar water, wat verhindert mij gedoopt te worden? Hij had behoefte aan het sacrament van de Heilige Doop en wenste nu openlijk te worden ingelijfd tot de gemeente des Heeren. Filippus is echter geen hartenkenner. Met een gedeeld hart is God niet voldaan. De geschiedenis met Simon de tovenaar heeft hem voorzichtig gemaakt om niet maar zo de handen op te leggen. Eerlijke behandeling is gewenst en noodzakelijk. Vandaar het antwoord wat hij geeft: Indien gij van ganser har te gelooft zo is het geoorloofd. Alleen het ware zaligmakende geloof mag de volwassendoop ontvangen. De volwassene die gedoopt wordt moet iets kennen van het geloof dat de Heilige Geest in het hart werkt van Gods uitverkorenen. Welnu, de kamerling bezit dat geloof. Plechtig klinkt zijn belijdenis: Ik geloof dat Jezus Christus de Zoon Gods is. Dat betekent: Ik geloof dat hij heel mijn verdoemenis heeft gedragen. Ik geloof dat voor het heilige oog des Heeren niet geldt wat ik ben en gedaan heb, maar dat daar enkel de gerechtigheid van Christus geldt. Zijn belijdenis was kort, maar tegelijk krachtig. Zo kort dat menige kerke raad van onze tijd die veel te kort achten zou. Toch, ze is zo veelzeggend. Ik geloof, dat Zijn naam Jezus is, Zaligmaker! Ik geloof, dat die Jezus de Christus is, gezalfd met de Heilige Geest tot mijn grote Profeet, tot mijn barmhartige Hogepriester, tot mijn eeuwige Koning. Ik geloof, dat ik alleen in Hem gerechtigheid heb. Die als het Uitverkoren Lam Gods de zware last van Gods toorn ook tegen mijn zonde gedragen heeft. En dat de Heere God mijn zonden en zondige natuur, waar tegen ik tot aan mijn laatste snik zal te worstelen hebben, om de gerechtigheid van Christus nimmermeer zal gedenken.
Ik geloof.. dat mijn zaligheid Gods werk alleen is, en dat er van mij niets bij behoeft te komen. De Heilige Geest paste dat toe aan zijn ziel. Wie dat ware geloof bezit mag van de Doop niet geweerd worden. Beide mannen dalen af van de wagen in het water en wordt de naam van de Drie-enige God over het hoofd van de Moorman uitgeroepen. Hij wordt met Christus begraven in Zijn dood. Onder water sterft hij aan de wet die hem verdoemt. Onder water wordt hij afgesneden van zijn oude Adam. Hij ondertekent met eigen bloed de eeuwige dood verdiend te hebben. O, zie dan dat Lam is in uw plaats op de slachtbank neergelegd! En nu, de ganse ziel van de Moorman zei Amen daarop: Amen, Heere, welk een onuitsprekelijk rijke genade! Daar heft de Moorman het gekroesde hoofd op uit het bad der wedergeboorte. Het begenadigde hart vervuld met innige dank aan IsraŽls God. Die aan hem het woord van de profeet vervuld heeft, van de zijde der rivieren der Moren zullen Mijne ernstige aanbidders komen om Mij offeranden te brengen. Als hij uit het water opklimt, weet hij dat hij niet alleen het teken heeft maar ook deelt in de betekenende zaak. Hij is bevindelijk gewassen in Jezus' bloed. Zijn zonden zijn vergeven voor eeuwig. De zware last, die hem drukte en benauwde is van zijn schouders gegleden. Hij die verre was is nu nabij. Ja, met Abraham, Izašk en Jakob mag hij aanzitten in het koninkrijk Gods. Moest hij eerst belijden: Eens was ik een vreemdeling voor God en mijn hart. Nu kent hij de waarheid zo troostrijk als gewis, dat Christus alleen zijn gerechtigheid is.
Zalig zijt gij, zoon van Cham, wie de Heere Sems tenten heeft binnengeleid. Zalig zijt gij, want vlees en bloed heeft u dit niet geopenbaard, maar de Vader, die in de hemelen is. Niemand kan zeggen Jezus de Heere te zijn dan door de Heilige Geest. Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand Gods. Bedenkt de dingen die boven zijn, niet die op de aarde zijn. Want gij zijt gestorven, en uw leven is met Christus verborgen in God. Dat heeft. hij door genade mogen leren kennen!
Jonge vrienden, hoe staat het er met jullie voor? Zal deze_Moorman je voorgaan in het koninkrijk Gods? Vlei je niet met de gedachte dat je de waarachtige bekering niet nodig hebt, omdat je een kind des Verbonds bent. Kinderen des Verbonds moeten evengoed wederomgeboren en bekeerd worden als deze Moorman. Echt, het baat je niet als je van wonderlijke dingen weet te spreken. Dat je heel de Bijbel en de belijdenis der Kerk uit het hoofd kent. Het komt er maar op aan dat je de waarheid persoonlijk verstaat (zie Handelingen 8: 36-38). De Heilige Geest moet je leren verstaan dat je een groot zondaar bent, die Gods Woord en Wet heeft . overtreden. Je moet met de Moorman leren: Ik kan de prijs der ziele, dat rantsoen, aan God in tijd noch eeuwigheid voldoen. Genade leert verstaan, dat de zaligheid alleen te vinden is in Hem, Die de grote reis uit de hemel heeft gemaakt om daar in ons vlees en bloed aan het recht des Vaders te betalen. Arme jeugd, zul je nog langer tegenstaan? Zul je nog langer de dood verkiezen boven het leven? Waarom weegt gij uw geld uit voor hetgeen dat niet verzadigen kan? Kust de Zoon, opdat Hij niet toorne en gij op de weg vergaat, wanneer Zijn toorn maar. een weinig zou ontbranden. Welgelukzalig zijn allen, die op Hem betrouwen.